Bronnen, bewijs en verificatie: hoe je als auditor weet dat iets waar is
Internal audit draait om de vraag of iets aantoonbaar klopt. Toch is er zelden aandacht voor de vaardigheid die daaronder ligt: vaststellen dat een bewering waar is, en dat zo vastleggen dat een ander het kan nalopen. Deze cursus behandelt de rangorde tussen normbronnen, toelichtingen en belanghebbende rapporten; hoe u gericht zoekt in plaats van hoopt dat de juiste bron bovenkomt; hoe u legaal bij een volledige tekst komt; en hoe u een claim terugvoert op de bron die hem zou moeten dragen. Aparte aandacht gaat naar het verifiëren van uitvoer van taalmodellen, naar peildatum en archivering, en naar citaatrecht en licenties. U sluit af met de patronen waarmee onderbouwing de schijn van gezag krijgt zonder het te hebben, waarvan zelfreferentie de meest voorkomende is.
Wat je doorloopt
- Wat maakt een bron gezaghebbend?
Niet elke bron weegt even zwaar. Deze module leert u de rangorde kennen tussen normbronnen, toelichtingen, vakliteratuur en belanghebbende rapporten, en waarom die rangorde bepaalt wat u in een auditrapport kunt beweren. - Vinden en verifiëren
Van zoekvraag naar bruikbare bron. Zoekoperatoren die echt werken, de vindplaats per soort vraag, hoe u legaal bij een volledige tekst komt, en hoe u een claim terugvoert op de bron waar hij vandaan zou moeten komen. - Vastleggen en verantwoorden
Een bron die u vandaag opent kan volgend jaar verplaatst of ingetrokken zijn. Deze module gaat over peildatum, archivering, citaatrecht en licenties, en over de bronnenlijst in uw rapport als verantwoordingsinstrument.
Laatst inhoudelijk bijgewerkt: 2026-08-05T10:49:04.